Ook na 75 jaar televisie is het medium is nog lang niet passé: 'Doet er echt nog toe'
De Nederlandse televisie bestaat vandaag 75 jaar. Hoewel steeds meer mensen televisie kijken via hun telefoon en sociale media een steeds grotere rol spelen, is het medium volgens Eppo van Nispen tot Sevenaer nog altijd springlevend. Juist bij grote gebeurtenissen zoeken mensen elkaar volgens de directeur van Beeld & Geluid weer op. "Ik hoor wel mensen zeggen: het doet er niet meer toe, maar dat is echt niet zo."
De kracht van televisie zit volgens Van Nispen tot Sevenaer vooral in het samen beleven van belangrijke momenten. "Als het over de grote dingen van het leven gaat, en dat zijn huwelijken of neem straks weer de intocht van Sinterklaas, dan kruipt toch wel iedereen bij elkaar." Ook bij groot nieuws blijft televisie volgens hem een belangrijke rol spelen. "In de coronaperiode was die televisie echt leidend in wat daar gebeurde. En dat geldt nog steeds."
Dat gedeelde karakter van televisie is volgens hem niet verdwenen, maar wel veranderd. "Wij delen eigenlijk gek genoeg veel meer dan ooit, omdat dat via social media gaat. Alleen daar zit een enorme sturing achter." Ook televisie kende volgens Van Nispen tot Sevenaer sturing, maar die kwam vanuit één centraal punt: "Letterlijk een lichtpunt."
75 toestellen
Wie wil zien hoe televisie in 75 jaar is veranderd, kan terecht bij Beeld & Geluid in Hilversum. Daar staan 75 werkende televisietoestellen opgesteld, één uit ieder jaar van de Nederlandse televisiegeschiedenis. De installatie begint bij het eerste toestel uit 1951 en eindigt bij een modern exemplaar uit 2026.
Op de schermen zijn beelden uit de betreffende jaren te zien. Zo komen oorlogen, het Songfestival en andere belangrijke gebeurtenissen voorbij. Ook de beroemde traan van Máxima uit 2002 heeft een plek in de tentoonstelling. Het fragment werd door kijkers in aanloop naar het jubileum gekozen als een van de televisiebeelden die zij nooit meer vergeten. "Niemand weet hoeveel mensen hier werken aan dit programma, maar dat zijn er heel veel. En een regisseur die dat ook nog eens weet, op zo'n moment te organiseren, dat is heel knap."
Verbindend middel
De ontwikkeling van televisie is goed zichtbaar aan de toestellen. In 1951 was het beeld klein, zwart-wit en van veel lagere kwaliteit. Tegenwoordig zijn schermen groot en haarscherp. Tegelijkertijd kijken mensen steeds vaker op een telefoon.
Dat roept volgens Van Nispen tot Sevenaer de vraag op wat televisie eigenlijk is. "De meeste mensen denken toch aan dat apparaat in de huiskamer waar je met z'n allen omheen gaat zitten." Toch is het medium volgens hem allang niet meer beperkt tot dat toestel.
Juist daar zit volgens hem een verschil met digitale media. "En ik denk dat zelfs de huidige generaties eigenlijk snakken naar dat samenzijn." Jongere generaties zijn volgens hem bovendien steeds meer bezig met nostalgie en fysieke spullen. "Een boek zit in het apparaatje, maar het is niet van jou", zegt Van Nispen tot Sevenaer. Het fysieke bezit van spullen heeft volgens hem een waarde die digitale media niet op dezelfde manier bieden.
De vraag of televisie over honderd jaar nog bestaat, krijgt van Van Nispen tot Sevenaer dan ook een duidelijk antwoord. "Televisie, letterlijk ver zien, dat blijft." De vorm van televisie kan volgens hem veranderen, maar de behoefte om samen naar verhalen en gebeurtenissen te kijken blijft bestaan. "En dat stuk, daar geloof ik, dat zal nooit weggaan: dat verbindende."