Kabinet-Jetten is zegen voor parlementaire democratie
Er is veel kritiek op de chaotische werkwijze van het minderheidskabinet Jetten. Toch is dit te verkiezen boven de vastgeroeste regeerakkoorden van weleer, vindt columnist Arendo Joustra.
Het hield maar niet op de afgelopen weken, het geklaag over het minderheidskabinet. Het zou onderling ruzie hebben, het zou op twee borden tegelijk schaken, het zou niet willen kiezen tussen samenwerken met rechts of links. Kritiek alom. Maar je kunt het minderheidskabinet van jeune premier Rob Jetten ook positief bekijken. Zo’n coalitie maakt de volksvertegenwoordiging juist machtiger. En dat is winst voor de democratie.
Want hoe ging het voorheen? Tijdens formaties werd lang onderhandeld over een regeerakkoord en vervolgens werd daaraan gedurende de regeerperiode krampachtig vastgehouden door de fracties waarop het kabinet steunde. Ja, er waren debatten in de Tweede Kamer, maar zodra het op stemmen aankwam, vormden de coalitiefracties een gesloten blok. Hoewel de Grondwet iets anders voorschrijft – je stemt als Kamerlid zonder last – durfde niemand uit de boot te vallen.
‘Stemvee’ was de term die de Zeeuw Ad Kaland gebruikte voor de CDA-fractie in de Tweede Kamer. Hij zei het in 1991 als voorzitter van de CDA-fractie in de Eerste Kamer. Nu is het al ongebruikelijk als leden van de ene Kamer kritiek uitoefenen op leden van de andere Kamer. Maar nog ongebruikelijker is het als je je eigen partijgenoten afvalt. Maar volgens Kaland volgden de CDA’ers in de Tweede Kamer blindelings hun fractievoorzitter en die volgde weer blindelings de premier. Te weten Ruud Lubbers.
Tussen Kaland en Lubbers kwam het hierna niet meer goed, maar ongelijk had hij niet. Het parlement was in feite monddood gemaakt door de coalitiedwang. Minister Neelie Kroes droeg altijd een exemplaar van het regeerakkoord in haar handtas en als een Kamerlid van een coalitiepartij begon te pruttelen, hoefde ze slechts naar haar tas te wijzen. In de decennia daarna was de praktijk niet veel anders.
Toegegeven, een kabinet dat steunt op een behoorlijke meerderheid in het parlement, kan krachtige maatregelen nemen. Ogenschijnlijk houdt het rekening met het ‘draagvlak in de maatschappij’ en met boze vakbonden of andere maatschappelijke organisaties. Maar als het puntje bij het paaltje komt, doet het lekker zijn eigen zin, want de plannen worden uiteindelijk toch wel gesanctioneerd door de eigen fracties – het stemvee - in de volksvertegenwoordiging.
Een minderheidskabinet als dat van Rob Jetten is een zegen voor de parlementaire democratie. De coalitiefracties kunnen niet meer de baas spelen in de Tweede Kamer en het kabinet kan vervelende of dure wensen van oppositiefracties niet makkelijk meer wegstemmen. Zo kon Jan Struijs, voorzitter van de twee (!) zetels tellende fractie van 50PLUS, afgelopen week zijn gordelroosvaccinatie binnenslepen.
Natuurlijk, regeren is er niet makkelijker op geworden. En links en rechts worden zorgen geuit over de bestuurbaarheid van het land. De deftigheid in het gedrang. Zelfs de media hebben het over ‘chaos’. Maar wat ze feitelijk zien is een democratie in werking. Democratie bestaat altijd uit lange onderhandelingen, lelijke compromissen en chaos. Het loopt nooit lekker. Voor een efficiënt, soepel en gesmeerd bestuur, moet je in Rusland en China zijn.
Wat dat betreft had Rob Jetten de Koning beter een ander citaat van Winston Churchill in de mond kunnen leggen. In de Troonrede had de Koning het over de noodzaak om in een democratie af en toe te buigen voor de mening van anderen. Maar de Britse staatsman heeft ook eens gezegd dat democratie de minst slechte is van alle staatsvormen die zijn geprobeerd.
Het kabinet-Jetten is voorbeeld van die laatste uitspraak. Met deze coalitie ligt de macht weer waar ze hoort, bij de gekozen volksvertegenwoordiging.
Elke week deelt Arendo Joustra zijn wekelijkse beschouwingen op het opinieplatform Onze Eeuw, waar hij vaste columnist is.