AFAS heeft 'lookbook' voor wat wel en niet kan op kantoor: 'Met een croptop achter je scherm past niet bij ons bedrijf'
Nu de temperaturen oplopen en veel werknemers kiezen voor luchtige kleding, laait de discussie over kledingvoorschriften op de werkvloer weer op. Softwarebedrijf AFAS heeft een zogenoemd lookbook gemaakt met richtlijnen voor medewerkers over wat wel en niet past binnen een zakelijke omgeving. Topman Bas van der Veldt benadrukt dat het geen strenge regels zijn, maar richtlijnen om de uitstraling naar klanten te bewaken.
Waar veel mensen op de warmste 29 juli ooit gemeten, met 35,8 graden, kozen voor een luchtige outfit, blijft een korte broek of paar sneakers op sommige werkvloeren onderwerp van gesprek. Bij AFAS kunnen medewerkers niet zomaar iedere outfit dragen op kantoor. Het bedrijf heeft een lookbook opgesteld met richtlijnen voor kleding.
Volgens CEO Bas van der Veldt gaat het niet om harde regels, maar om handvatten voor medewerkers. "Echte regels kennen we niet, maar wel richtlijnen. We willen mensen een beetje richting geven over wat je doet in een zakelijke setting en wat niet. We hadden een beetje een verouderde versie en die kwam per ongeluk op LinkedIn terecht. Iemand zei toen: 'AFAS is wel een beetje ouderwets.'"
Volgens Van der Veldt is de mode de afgelopen jaren veranderd en was het tijd om de richtlijnen te vernieuwen. "Tegenwoordig mag je volgens mij zelfs sokken in bootschoenen dragen, al zijn de meningen daar ook weer over verdeeld. Daarom hebben we het lookbook opgefrist."
Afgetrapte sneakers
Het vernieuwde lookbook zorgde ook voor kritiek. Zo vroegen mensen zich af waarom sneakers niet zouden mogen en waarom er vooral vrouwen met hakken op de afbeeldingen te zien waren. Volgens Van der Veldt betekent het lookbook niet dat medewerkers verplicht bepaalde kleding moeten dragen.
"Die sneakers zijn al heel lang een discussie. Witte sneakers zijn vaak niet zo heel lang wit. Wij ontvangen bijna 300.000 bezoekers in ons pand. Wij denken dan toch: ook al draagt het misschien maar één procent bij aan de klantbeleving of aan de indruk waardoor een prospect denkt: 'Hier is mijn bedrijfsdata in goede handen', dan telt dat mee."
Volgens Van der Veldt gaat het vooral om de uitstraling richting klanten en bezoekers. Wanneer sidekick Tom De Bruyne zijn sneakers laat zien, reageert de AFAS-topman: "Nee, die kunnen niet."
Toch betekent het niet dat medewerkers naar huis worden gestuurd als hun kleding niet helemaal aansluit bij het beeld. "Absoluut niet. Het is een lookbook, bedoeld om te inspireren. Dit is ongeveer wat we verwachten. Daarna mag je gelukkig je eigen invulling geven. Maar als jij denkt in een croptop achter je scherm te gaan zitten, dan zeggen we: nee, dat past toch echt niet bij het bedrijf."
Ook vrouwen hoeven volgens Van der Veldt geen hakken te dragen. "Dit waren allemaal eigen medewerkers die het leuk vonden om mee te werken aan dit lookbook en toevallig droegen die allemaal hakken."
Stoppen met vapen
De discussie gaat volgens Van der Veldt niet alleen over kleding, maar ook over de vraag hoe ver een werkgever mag gaan in de betrokkenheid bij medewerkers. In een eerder interview vertelde hij dat medewerkers die fors zijn aangekomen daarop aangesproken kunnen worden.
"Sowieso moet je dit in de juiste context plaatsen. Wij zijn drie keer uitgeroepen tot beste werkgever van Nederland en twee keer tot beste werkgever van Europa. Voor ons is liefde voor onze medewerkers het allerbelangrijkste wat er is. Als een medewerker zich gewaardeerd voelt, gezien voelt, vertrouwd voelt, veilig voelt en de beste versie van zichzelf kan zijn, dan hoeven we voor de rest niet zo heel veel te doen."
Volgens Van der Veldt kan betrokkenheid betekenen dat je medewerkers ook aanspreekt op gezondheid. "In die context ben je echt betrokken. Dan kun je ook eens zeggen: 'Hé joh, wordt het niet eens tijd om te stoppen met roken of met vapen?' Of: 'Hé joh, moet je niet wat meer gaan bewegen?' In die context moet je het zien."
Hij benadrukt dat zulke opmerkingen volgens hem vooral afhangen van de werksfeer waarin ze worden gemaakt. "Heel veel mensen zitten nu te kijken en denken: 'Gaat mijn baas zich daar ook nog mee bemoeien?' Maar die zitten vaak al in een context van een verziekte werksfeer. Het is niet voor niets dat we in Nederland bijna 900.000 mensen met een burn-out hebben. In zo'n verziekte werksfeer komt zo'n opmerking natuurlijk heel anders binnen."
Volgens Van der Veldt ging het niet om gewicht, maar om een gezonde levensstijl. "Het gaat ook niet over aankomen. Zo heb ik het ook niet gezegd. Het gaat over een gezonde levensstijl."
Autonomie
Staatssecretaris van Landbouw Silvio Erkens vindt dat werkgevers ruimte hebben om een bepaalde cultuur neer te zetten, maar zou zelf minder ver gaan. "Ik denk dat je als werkgever in zekere mate vrij bent om daar iets van te vinden en ernaar te vragen. En het staat mensen ook vrij om niet voor jou te werken als ze die cultuur niet accepteren. Ik zou het zelf nooit doen. Bij mij op kantoor mag iedereen dragen wat hij of zij wil. Ik ben daar vrij informeel in. Wel hebben we een representatieve functie naar buiten toe. Dus als je een extern evenement hebt vanuit je werk, verwachten we dat iedereen netjes gekleed is. Maar intern gaat iedereen daar zelf over."
Amerikakenner Diederik Brink vraagt zich af of strikte richtlijnen niet botsen met de autonomie van werknemers. "Uit onderzoek blijkt dat een goede werkgever vaak wordt gekenmerkt door zorg voor medewerkers, maar ook door een stukje autonomie in je werk. Autonomie betekent ook dat je kunt zijn wie je bent en verantwoordelijkheid kunt nemen voor wat je doet. Staat dat niet haaks op de manier waarop je als werkgever praat over iemands levensstijl als die niet helemaal past bij wat jullie als bedrijf willen uitstralen?"
Van der Veldt zegt dat medewerkers juist zichzelf moeten kunnen zijn. "Wij vinden juist dat je moet kunnen zijn wie je bent. Daarom staan wij ook open voor van alles en nog wat. Elke vorm van religie, iedere identiteit, genderidentiteit, verzin het maar. Dat is inderdaad heel belangrijk."
Tegelijkertijd vindt hij dat er grenzen zijn aan wat passend is op kantoor. "Als iemand zich gezien voelt en zichzelf mag zijn, is dat heel belangrijk. Maar het mag ook duidelijk zijn dat ik thuis weleens Crocs draag, mijn ochtendjas heerlijk vind of een joggingbroek aantrek. Je zou kunnen zeggen: dat is de echte Bas. Maar het zou toch heel gek zijn als ik op kantoor in mijn joggingbroek zou rondlopen. Om dat soort excessen eruit te halen, hebben wij aangegeven: denk ongeveer hieraan."