Mick van Wely verwacht forse strafeis in zaak kunstroof Drents Museum: 'Tussen de vijf en zes jaar'
In Assen begint dinsdag de rechtszaak tegen drie verdachten van de spectaculaire roof van Roemeense kunstschatten uit het Drents Museum. De zaak, die internationaal veel stof deed opwaaien, draait om een gewelddadige inbraak waarbij onder meer een iconische gouden helm werd buitgemaakt.
De rechtbank behandelt de zaak tegen drie mannen die terechtstaan voor de roof van het Roemeense goud. De kunstschatten werden vorig jaar januari gestolen nadat de daders met een zware vuurwerkbom een deur van het museum opbliezen. De gouden helm en twee van de drie armbanden zijn inmiddels teruggevonden, mede dankzij een deal met twee van de verdachten.
Volgens misdaadjournalist en schrijver Mick van Wely kan de straf in deze zaak fors uitvallen. "Ik denk dat er een stevige eis komt. Er is een zwaar explosief gebruikt, dus veel geweld, en daarnaast gaat het om zeer belangrijk cultureel erfgoed. Als je kijkt naar soortgelijke kunstroven, kun je normaal gesproken een strafeis verwachten van rond de acht jaar. De rechter neemt dit soort zaken zeer hoog op. Hier is in het hartje centrum een zeer zwaar explosief gebruikt om toegang te krijgen tot het museum."
Tegelijkertijd speelt mee dat twee van de drie verdachten een deal hebben gesloten met het Openbaar Ministerie. Mogelijk leidt dat tot een lagere strafeis. "Het bewijs was overweldigend. Ik denk dat de verdachten er goed aan hebben gedaan om die deal te sluiten, want het was zeker tot een veroordeling gekomen. Ik weet nog niet wat voor deal er precies is gesloten, maar ik ga ervan uit dat er zeker twee jaar minder zal worden geëist. Dus ik denk dat je uitkomt tussen de vijf en zes jaar."
De verdachten van de kunstroof in Assen vorig jaar verschijnen vandaag voor de rechter. Misdaadjournalist @mickvanwely verwacht een stevige eis, "omdat er een zwaar explosief is gebruikt en omdat het om belangrijk cultureel erfgoed gaat." #WNL #GoedemorgenNederland pic.twitter.com/GE5aJh7nNL
— WNL Vandaag (@WNLVandaag) April 14, 2026
Van Wely vervolgt: "Wat de rechter ook zal meewegen, is dat politie en justitie al na de arrestatie van de verdachten hun identiteit en foto’s bekend hebben gemaakt. Dat is zeer bijzonder. Voor zover ik weet is dat één keer eerder gebeurd, namelijk bij een rovend duo dat door Nederland trok, mensen mishandelde en beroofde. Dat werd de Bonnie en Clyde-zaak genoemd. Maar het is ingrijpend: de rest van je leven staan je foto’s op internet. Dus ook dat zal de rechter meenemen, want de advocaten van de verdachten waren daar erg boos over."
Eén van de verdachten heeft geen deal gesloten en ontkent betrokkenheid bij de roof. Daardoor moet de rechtbank de zaak in volle omvang behandelen. Daarnaast staat later dit jaar nog een vierde verdachte terecht, die mogelijk kentekenplaten voor de vluchtauto heeft gestolen.
'Hier is echt iets aan de hand'
De roof maakte destijds direct grote indruk. Verslaggever van RTV Drenthe Stefan Klomp was een van de eersten ter plaatse en zag al snel dat het om iets groots ging. "Ik werd wakker gebeld met de mededeling dat er iets gaande was bij het Drents Museum en dat ik daarheen moest komen. Dan kom je daar met een cameraman aan en loop je richting het museum. De eerste indruk is dat er heel veel auto’s staan. Je denkt: wat doen we hier eigenlijk? De meldingen gingen over gesprongen ramen in de buurt en de omgeving, en er was in eerste instantie niets te zien. Je weet dat er een persconferentie aankomt en op een gegeven moment ziet mijn cameraman het Openbaar Ministerie naar binnen lopen. Dan weet je: hier is echt iets aan de hand."
Volgens Klomp leeft de zaak nog altijd in de regio. "Het is nog steeds een groot gespreksonderwerp in Drenthe. Mensen hebben het er nog vaak over op straat als je het ter sprake brengt. 'Fijn dat die helm weer terug is,' zeggen veel mensen. Het is dus nog steeds een groot thema, zeker op een dag als vandaag waarop de rechtszaak begint."
Veel impact
De roof had niet alleen in Nederland impact, maar leidde ook tot grote verontwaardiging in Roemenië. De gouden helm van Cotofenesti geldt daar als cultureel erfgoed van onschatbare waarde en heeft een iconische status. Ook bij het Drents Museum is de impact nog altijd voelbaar, zegt directeur Robert van Langh. "We gaan deze zaak in met het gevoel dat er toch echt iets is aangedaan door de verdachten aan het Drents Museum, en ook aan de Roemenen natuurlijk."
Van Langh zal gebruikmaken van zijn spreekrecht tijdens de zitting. "Precies om dat gevoel dat er is geweest te vertellen. Het gevoel dat we slachtoffer zijn geworden van een vreselijke daad. Daarbij zijn de helm en de drie armbanden gestolen. Dat heeft heel veel impact gehad, zowel binnen onze organisatie als bij het Roemeense museum. Dat gevoel willen we overbrengen."
Hoewel een groot deel van de buit inmiddels is teruggevonden, blijft er ook nog veel onduidelijk. Zo is één armband nog altijd spoorloos en bestaan er twijfels of de verdachten alleen handelden. "Ik kan me nauwelijks voorstellen dat twee jongens van de straat uit Heerhugowaard dit zelf hebben bedacht", vraagt van Wely zich af. "Ik geloof ook niet dat ze het voor het goud hebben gedaan. Of het is in opdracht gebeurd, of ze hebben gedacht dat ze het voor veel geld konden verkopen, bijvoorbeeld aan een partij in Roemenië of aan criminelen. Ook in Roemenië wordt het niet als geloofwaardig gezien dat ze het op eigen houtje hebben gedaan. Maar tegelijkertijd zijn er geen snoeiharde aanwijzingen voor dat ze het in opdracht hebben gedaan."