Iran dreigt techbedrijven aan te vallen, mogelijk gevolgen voor Nederland: 'Op pure kracht kunnen ze nooit winnen, wat doe je dan?'
Iran heeft gewaarschuwd dat Amerikaanse techbedrijven doelwit kunnen worden als de oorlog escaleert. Bedrijven als Apple, Google, Microsoft en Nvidia worden genoemd als mogelijke targets. Als Nederland betrokken raakt bij de oorlog, kunnen ook Nederlandse techbedrijven doelwit worden, waarschuwt cybersecurity-expert Dave Maasland.
Volgens Iraanse officials zijn bedrijven die bijdragen aan Amerikaanse technologie en defensie "legitieme doelen". Deze strategie past bij wat experts asymmetrische oorlogsvoering noemen: geen directe strijd, maar mikken op zwakke plekken zoals datacenters, cyberaanvallen en de economie om met relatief weinig middelen maximale schade aan te richten.
"Iran is een land dat met relatief beperkte middelen probeert hele grote effecten te bereiken. Op pure kracht kunnen ze natuurlijk nooit winnen van de VS. Wat doe je dan? Dan ga je kijken waar een land zwak is", legt Maasland uit in Goedemorgen Nederland op NPO 1. "Waar zitten de afhankelijkheden?"
Voor de Amerikaanse samenleving én defensie is technologie onmisbaar geworden. Maasland: "Voor de VS is rekenkracht digitale slagkracht. Ze selecteren hun doelen via kunstmatige intelligentie en hebben communicatiesystemen die ontzettend goed werken. Dat gaat allemaal via die Amerikaanse techbedrijven, die erbij helpen of er onderdeel van zijn."
Iran heeft medewerkers van Amerikaanse techbedrijven in het Midden-Oosten inmiddels gewaarschuwd hun werkplekken te verlaten. "Als je een datacentrum zou platbombarderen, kun je bijvoorbeeld allerlei banken platleggen", vertelt Maasland. "Je raakt direct de Amerikaanse economie, want techbedrijven zijn grotendeels verantwoordelijk voor de kracht van die economie. En je zorgt er ook nog eens voor dat de tech-CEO's misschien druk gaan uitoefenen op Donald Trump: 'Moeten we dit wel willen?'"
Mogelijke aanvallen op Amerikaanse techbedrijven kunnen ook gevolgen hebben voor Europa. "We moeten bedenken dat al die infrastructuur vaak aan elkaar verbonden is. Als er één omvalt, kan er een domino-effect ontstaan en kunnen ook diensten in Europa uitvallen. Feit is dat oorlog niet alleen tussen landen wordt gevoerd, maar bedrijven nu ook onderdeel zijn."
Nederland doelwit?
Als Nederland zou deelnemen aan een maritieme missie naar de Straat van Hormuz, zouden Nederlandse bedrijven ook een direct doelwit kunnen worden, zegt Maasland. "Feit is dat oorlog niet alleen tussen landen plaatsvindt, maar dat bedrijven er nu ook deel van uitmaken. Het zou zomaar kunnen gebeuren dat als we een fregatschip die kant opsturen, Iran zegt: nou, we gaan misschien ook kijken of we Nederlandse techbedrijven kunnen raken. Dan zijn dat blijkbaar legitieme doelen geworden."
De vraag is of Nederland hierop is voorbereid. "Ik denk dat wij er nog aan moeten wennen dat cyber echt een lange arm is geworden. Via cyber kun je vrij gemakkelijk vanuit Iran ook in Nederland dingen aanvallen."
Op de vraag of techbedrijven nu twee keer nadenken voordat ze met de Amerikaanse defensie in zee gaan, zegt Maasland: "Ja, maar tegelijkertijd zijn het ongelofelijk belangrijke contracten. En je ziet ook: we kunnen niet zonder digitalisering. Het is ook nationale veiligheid."
Techbedrijven zijn onmisbaar voor het leger. "Als je het niet doet, kun je je defensie niet op orde krijgen, want alles is gedigitaliseerd. Onze oud-staatssecretaris van Defensie, Gijs Tuinman, zei vaak: IT is gevechtskracht. Vroeger dacht je bij IT aan de printer. Nu, als je een goede IT-omgeving hebt, kun je gewoon beter vechten."
Maasland benadrukt dat het niet alleen maar negatief is dat bedrijven betrokken raken bij oorlog. "Ik las een fantastische slogan van onze hoogste IT-baas bij Defensie: Let tech fight, not people. Ondanks dat oorlog verschrikkelijk is, kun je beter een oorlog hebben waarbij tech elkaar te lijf gaat dan dat mensen naar de frontlinie worden gestuurd."
Oekraïne voorloper
Ook in de fysieke oorlogsvoering is technologie een steeds belangrijke wapen, met name in de vorm van drones. Oekraïne is door de Russische inval inmiddels een van de voorlopers op het gebied van droneoorlogvoering en probeert die kennis nu te verkopen, aldus Maasland. "Oekraïne exporteert op grote schaal hun kennis en expertise."
De komst van drones "heeft alles op z’n kop gezet", zegt de cyberexpert. "Door drones kunnen kleine tegenstanders vele malen sterker zijn dan grotere tegenstanders. Hoe verdedig je een vliegdekschip tegen een drone van een meter breed? Dat is ontzettend lastig."
"Oekraïne moest wel. Ze hebben manieren gevonden om heel snel te innoveren. Als er een drone werd neergehaald door de Russen, vonden ze binnen twee weken iets nieuws uit om de drone te verbeteren. Die kennis is zo waardevol dat de machtsbalans verschuift. Oekraïne laat nu de VS zien: 'Wij kunnen dit voor jullie doen', ook voor slimme wapensystemen."
Oekraïne heeft inmiddels al enkele honderden dronespecialisten uitgeleend aan de Verenigde Staten. Maasland: "Ze laten Amerika zien wat ze kunnen. Natuurlijk willen ze daar iets voor terug. Maar nogmaals, ik denk dat we met Oekraïne straks een land hebben dat aan onze kant het meeste ervaring heeft met moderne oorlogsvoering."