Hoe gaat het verder na de gemeenteraadsverkiezingen? 'Je moet gewoon samenwerken en de hele rit uithouden'
Op landelijk niveau kunnen kabinetten vallen, botsen partijen en duren formaties soms eindeloos. In de gemeenteraad gaat het vaak vlotter: er wordt doorgepakt en verrassend vaak samengewerkt. Hoogleraar Wim Voermans legt in Goedemorgen Nederland uit hoe dat gaat.
Na de verkiezingen maken gemeenteraden vaak een raadsakkoord: een overeenkomst tussen alle fracties waarin afspraken worden vastgelegd over beleid, prioriteiten en samenwerking. Zo’n akkoord geldt raadsbreed en vormt de basis voor het functioneren van de raad de komende vier jaar.
Het verschil tussen een coalitieprogramma en een raadsprogramma, licht Voermans toe: "Een coalitieprogramma is gewoon de grootste winnaars die samen een meerderheid vormen in de gemeenteraad en ook wethouders leveren. Gemeenteraden zijn vaak versplinterd, dus een stabiele coalitie maken is best lastig. Je moet het vier jaar volhouden, want er is geen tussentijds verval van macht."
"In 30 tot 40 gemeenten komen ze na de verkiezingen bij elkaar en sluiten een raadsbreed akkoord af. Iedereen tekent in, jouw wensen gaan erin. Eén akkoord voor de hele periode, en dan zoek je een paar goede wethouders bij. Dat werkt in heel veel gemeenten. Soms spat het uit elkaar, maar dat gebeurt bij coalitieakkoorden ook. Het is mooi om te zien wat gemeenten samen kunnen bereiken."
Kleine verschillen
Over de marges in de besluitvorming nuanceert hij: "Vaak zijn ze wel marginaal. We hebben het dan niet over asiel, migratie of wonen, dat zijn echt grote verschillen. Maar hoe parkeerhavens moeten liggen of hoe warm het zwembad moet zijn, dat zijn kleine verschillen. Daar worden problemen van alle dag opgelost door mensen die dat eigenlijk in hun vrije tijd doen voor een habbekrats en ’s avonds bij elkaar zitten."
Het gebrek aan media-aandacht draagt bij aan een andere dynamiek: "Je kunt niet in de plenaire vergadering even interrumperen zodat iedereen ziet dat jij zo'n geweldige politicus of politica bent. Je moet gewoon samenwerken en de hele rit uithouden, ook als het college valt."
Volgens politiek verslaggever Tessa van Viegen geeft dat laatste punt de raadsleden meer motivatie. "Je weet dat deze club de mensen zijn om mee te werken en vier jaar iets te realiseren. Je moet maar zien hoe je het rooien gaat met elkaar. Dat geeft een heel ander beeld dan in de Tweede Kamer, waar alles onder hoogspanning staat. Als iemand het laat vallen, moet iedereen opnieuw presteren."
Over de verkiezingscampagnes zegt Van Viegen: "Voor D66 is geslaagd dat de positieve campagne die ze voerden tijdens de verkiezingen voor de Tweede Kamer nog iets heeft weten door te trekken. Niet grandioos gescoord, maar prima. Wat ik grappig vind: er waren allemaal virale filmpjes van het CDA in Wijchen of de SP in Zwolle. Je zou denken dat dat scoort, maar dat viel eigenlijk tegen. Uiteindelijk maakt zoiets niet zoveel uit. Misschien gaat het meer om inhoud, zoals we bij de VVD hebben gezien."