Discussie over zware beroepen laait weer op: 'Er zit ook een andere kant aan AI'
De discussie over wat precies een zwaar beroep is, laait opnieuw op door de plannen om de AOW-leeftijd sneller te verhogen. Werknemers met zwaar werk kunnen via de Regeling Vervroegd Uittreden (RVU) nu maximaal drie jaar eerder stoppen, maar als de AOW-leeftijd verder opschuift, wordt die regeling relatief minder waard.
Volgens Reinier Castelein, voorzitter van vakbond De Unie, is het definiëren van zware beroepen ingewikkelder dan vaak wordt gedacht. "Je kunt beginnen met het laaghangende fruit", zegt hij in Goedemorgen Nederland. "Maar wat doe je met iemand die vijf of tien jaar zwaar werk doet en daarna iets anders? Hoe bereken je dan de AOW?"
In het pensioenakkoord is vastgelegd dat de AOW-leeftijd met acht maanden stijgt voor elk extra jaar levensverwachting. De coalitie wil die koppeling vanaf 2033 aanscherpen naar een stijging van één jaar per extra levensjaar. Voor huidige dertigers kan dat betekenen dat zij pas rond hun zeventigste met pensioen gaan. Vooral werknemers in fysiek zware beroepen maken zich zorgen: zij halen nu al niet altijd gezond hun pensioenleeftijd.
Druk door AI
Tegelijk verandert de aard van werk. Door robotisering en AI worden sommige beroepen fysiek minder zwaar, maar volgens Castelein ontstaat er ook nieuwe druk. "AI luistert mee tijdens klantgesprekken. Je voelt sociale controle, het gesprek wordt automatisch verwerkt en je voert het nog een keer. Dat is een andere vorm van belasting."
Volgens Castelein moet de discussie daarom breder worden gevoerd. Niet alleen beroepen kunnen zwaar zijn, ook levens. "De één scheidt, de ander wordt ziek of heeft mantelzorg. Dat maakt het leven zwaar, los van werk." Bovendien wijst hij erop dat de AOW geen pensioenregeling is, maar een basisvoorziening voor iedereen die in Nederland woont, ook voor mensen die nooit hebben gewerkt.