Positief nieuws op Wereldkankerdag, maar oncoloog waarschuwt: 'Veel mensen steken kop in het zand'
4 februari staat in het teken van Wereldkankerdag. Vorig jaar kregen ongeveer 135.000 mensen de diagnose kanker, vrijwel evenveel als het jaar daarvoor. Toch is er voorzichtig positief nieuws, want tegen de verwachtingen in neemt het aantal nieuwe gevallen van darmkanker af. Oncologisch chirurg Geert Kazemier legt uit waarom veertig procent van de kankergevallen te voorkomen is.
"Elf jaar geleden zijn we begonnen met testen op dikkedarmkanker - de poeptest", geeft Kazemier, tevens directeur van Stichting Cancer Center Amsterdam, context bij de afname van darmkanker. "Die poeptest kan laten zien dat je kanker hebt in een vroeg stadium, maar ook in een later stadium."
In de beginfase van de poeptest nam het aantal nieuwe diagnoses enorm toe. "Dat waren mensen die met die kanker rondliepen en er niks van wisten. Langzaam maar zeker, na al die jaren, zie je nu dat het echt effect krijgt en met name het aantal mensen met uitgezaaide dikkedarmkanker daalt."
Eén op de twee Nederlanders krijgt kanker, maar het aantal mensen dat daarmee leeft, neemt ook enorm toe, vertelt Kazemier in Goedemorgen Nederland op NPO 1. "Dat betekent dus ook dat na tien jaar nog 75 tot 80 procent van de mensen met kanker in leven is. Dat betekent ook dat je een beetje weg moet van het idee dat kanker altijd een doodsvonnis is, dat het doodsvonnis ook nog heel snel komt en dat die periode van leven niet alleen kort maar ook slecht is. Dat is niet zoals het is."
Betere levenswaardering
Iets dat volgens Kazemier steeds benadrukt moet worden, is dat mensen met kanker niet per definitie ongelukkig zijn. "Het is nog gekker: mensen geven het leven vaak een hoger cijfer na de diagnose dan voor de diagnose. Dat kunnen wij ons niet voorstellen, maar toch is het zo. Dat komt doordat je er bent, door de gesprekken die je voert met je geliefden: die gaan ergens over."
Mensen met kanker vragen artsen als Kazemier vaak hoe lang ze nog te leven hebben. "Het lastige daarvan is, is dat we dat nooit helemaal precies weten. Ik ben wel eerlijk. Dus als ik zeker weet dat het niet goedkomt, dan zeg ik dat. Maar ik zeg er ook altijd bij: of het maanden of jaren zijn, dat weet ik niet. Ik weet wel wat het gemiddeld zal zijn, maar als patiënt heb je daar niks aan."
Iets wat Kazemier opvalt, is dat "mensen eigenlijk allemaal aardig zijn" wanneer ze een kankerdiagnose hebben gekregen. "Ik ken eigenlijk geen vervelende mensen. Iedereen wordt opeens wakkergeschud en komt ook bij z'n kern terug. Opeens gaat het ergens over. Ook als we patiënten niet kunnen opereren of als de ziekte terugkomt, zie je dat de relatie vaak goed blijft en blijft bestaan."
Kop in het zand
Veertig procent van de kankergevallen is te voorkomen door preventie. "Sommige daarvan willen we niet horen: je moet stoppen met roken, je moet stoppen met drinken, je moet niet in de zon zonder bescherming. Maar er zijn ook tests zoals de poeptest en uitstrijkjes. Toch zie je dat heel veel mensen dat niet doen en hun kop in het zand steken. Alles wat uit overheidswege is bedacht, daar is echt goed over nagedacht. Ik zou wel adviseren om daaraan mee te doen."
"Ik ben geholpen met politici die ook durven zeggen waar het op staat", besluit Kazemier. "Bijvoorbeeld: als je kijkt naar de kwaliteit van de zorg, staat Nederland op nummer drie in de wereld. Ieder jaar weer. Dus we doen het heel goed in Nederland. Dat zou ik benadrukken als ik in Den Haag rond zou lopen. Maar ik zou ook willen dat politici de werkelijkheid onder ogen durven zien. Ook als het een beetje ongemakkelijk is. Natuurlijk mag je in de zon, maar als je dan zegt: smeer je niet in, dan doe je iets wat niet klopt en dat vind ik lastig."
40 procent van de kanker is te voorkomen met preventie, zegt oncologisch chirurg Geert Kazemier op Wereldkankerdag. "Veel mensen steken de kop in het zand." #GoedemorgenNederland #WNL pic.twitter.com/P3JyBmQgk1
— WNL Vandaag (@WNLVandaag) February 4, 2026