Felle kritiek op vredesdemonstratie door oud-NAVO-voorzitter: 'Onbegrijpelijk, dit is geen oproep tot vrede'
Oud-voorzitter van het Militair Comité van de NAVO, Rob Bauer, is heel kritisch op de demonstratie voor vrede die vanmiddag plaatsvindt in Amsterdam. De organisatie pleit namelijk ook voor het stoppen van steun aan Oekraïne. "Onbegrijpelijk. Dat is voor mij geen oproep tot vrede."
De demonstratie in Amsterdam, met als thema 'Stop de oorlogskoorts', dient volgens Bauer niet het juiste doel. De landelijke vredesdemonstratie op De Dam richt zich tegen militarisering en bewapening en pleit voor diplomatie en de-escalatie. "Er wordt in dat manifest negatief gesproken over militairen. Alsof militairen voor oorlog zijn. Niets is minder waar", zegt hij in WNL Op Zondag.
Militairen weten namelijk als geen ander wat oorlog betekent, benadrukt hij. "Zij willen vechten voor vrede. Alleen de manier waarop je dat doet, daarin verschillen we van mening. Daarom zou een debat heel goed zijn." Een uitnodiging daartoe in de uitzending van WNL Op Zondag werd door de protestorganisatie afgewezen.
Bauer blikt terug op de afgelopen veertig jaar, waarin weinig geld werd geïnvesteerd in de krijgsmacht. Dat is achteraf een denkfout gebleken. "We dachten dat de eeuwige wereldvrede was uitgebroken. Ondanks dat gebrek aan geld voor Defensie en de focus op vrede is het niet veiliger geworden in de wereld. Dat betekent dat er nu een reparatie moet plaatsvinden."
"Vervolgens wordt er gedaan alsof al het geld dat naar Defensie gaat, ten koste gaat van de zorg in Nederland. Maar als je kijkt naar de begroting, dan is sociale zekerheid en gezondheidszorg vijftig procent en Defensie vier procent."
We praten onszelf geen oorlog in
Demonstranten beweren dat we onszelf juist een oorlog inpraten. Bauer is het daar niet mee eens. "We hebben dertig jaar lang over de wereld gesproken zoals we hadden gewild dat het eruitzag. Zo mooi was het alleen niet. Poetin is namelijk in 2007 begonnen te praten over wat hij nu doet. We hebben het niet willen horen."
"Hij is in 2008 begonnen in Georgië, in 2014 heeft hij de Krim geannexeerd. En in 2022 heeft hij natuurlijk Oekraïne in zijn totaliteit aangevallen", somt Bauer op. "Dat heeft hij gedaan, niemand anders. Dat de NAVO meer geld uit ging geven aan Defensie, is daarna pas gebeurd. Ik maak de oorlogsdreiging niet door erover te praten, die is er nou eenmaal door Rusland."
Vier keer bellen
Bauer probeerde in zijn tijd als NAVO-voorzitter van het Militair Comité vier keer om met de Russische commandant der strijdkrachten te spreken. Dat lukte geen enkele keer. "Het is vier keer door hem geweigerd. De eerste keer zei hij 'nog even bezig te zijn' met een speciale militaire operatie in de Krim. Daarna was ik onderdeel van het probleem geworden, namelijk de NAVO, en wilde hij niet meer met mij spreken. Poetin wil hier dus gewoon niet over spreken, over de-escaleren."
Luister deze uitzending van WNL Op Zondag hier terug als podcast:
"Als Poetin vandaag de oorlog stopt, dan is de oorlog voorbij. Als Zelensky vandaag de oorlog stopt, is hij zijn land, cultuur en taal kwijt", zet Bauer zijn statement kracht bij. "Mensen in Oekraïne moeten doorvechten omdat Poetin doorvecht."
Toch pleiten de demonstranten voor minder steun aan Oekraïne. Bauer noemt dat onbegrijpelijk. "Een land dat zichzelf verdedigt om soeverein te blijven, wordt dan niet meer gesteund."
Als Oekraïners zich overgeven, komen ze onder het bewind van de Russen te staan. "Dus begrijp ik werkelijk niet dat mensen niet zien wat er gebeurt. En wat de gevolgen voor ons mogelijkerwijs zijn. We weten namelijk dat de Russische ambities veel groter zijn dan Oekraïne. Dat hebben we op papier gekregen bij de NAVO in december."
Zelfstandig Tweede Kamerlid Mona Keijzer snapt het standpunt van Bauer volledig, al vindt ze daarnaast wel dat de steun aan Oekraïne wel een tandje minder kan. "Om oorlogen te voorkomen, moet je investeren in de defensiecapaciteiten. Maar als ik dan zie dat wij de op een na grootste donor zijn qua steun aan Oekraïne, dan zeg ik: laten we een stapje terugdoen. Onze bruggen zakken in elkaar en we hebben geen geld voor infrastructuur, terwijl je dat juist nodig hebt om de economie te laten groeien."