We staan aan het begin van grote maatschappelijke onrust
Inmiddels sterven er in Nederland meer mensen dan dat er nieuwe kinderen bijkomen. Toch groeit onze bevolking al jaren door migratie. Deze demografische omslag kan grote gevolgen hebben voor onze samenleving, waarschuwt columnist Jan Latten.
Het kan verwarrend zijn: we zijn getuige van een ware bevolkingsexplosie. Sinds begin 2016 groeide de bevolking met meer dan 1,1 miljoen inwoners tot 18,1 miljoen. Toch gaan er inmiddels meer mensen dood dan er nieuwe kinderen bijkomen. CBS-cijfers laten sinds dit decennium de omslag zien. In 2025 stierven 173.000 inwoners en werden 167.000 baby's geboren. Langs natuurlijke weg zit de bevolking als geheel overduidelijk op krimpkoers.
En misschien denkt u: 'Fijn, want er zijn al genoeg mensen op de wereld.' Anderen uiten juist hun zorgen: 'Hoe houden we in de toekomst het land draaiende?'
Maar los van zulke overpeinzingen verhullen cijfers over groei en krimp van het aantal inwoners de onderliggende demografische en sociale turbulentie die op ons afkomt. De krimpkoers geldt namelijk uitsluitend voor het autochtone deel van de bevolking, ongeveer 12,9 miljoen inwoners. Die krimpkoers komt de komende jaren in een ongekend hogere versnelling terecht. De nieuwkomers daarentegen zijn blijvend de groeiers in het land.
Wie denkt dat het debat over demografische en sociale veranderingen zijn hoogtepunt heeft bereikt, heeft geen weet van de onderliggende demografische krachten. Door de snellere krimp van het autochtone bevolkingsdeel zal het karakter van de samenleving sterker veranderen dan tot nu toe. Want met het sneller slinkende autochtone aandeel in de bevolking verdwijnen ook hun opvattingen sneller uit de samenleving dan tot nog toe. Het is alsof velen dat nog niet beseffen.
De komende versnelling in autochtone krimp vindt zijn basis in het jarenlange gebrek aan nakomelingen. Daardoor neemt het aantal jongvolwassenen met Nederlandse roots niet meer toe. Zelfs wanneer het gemiddeld kindertal van jonge autochtone vrouwen niet verder zou dalen, is hun aantal te klein geworden om een verdere daling van het aantal autochtone baby's af te remmen. Omdat zij bovendien vaker twijfelen over een kinderwens of kinderloos blijven, zal het aantal nakomelingen van autochtone ouders nog sneller afnemen. De naderende sterftegolf van de omvangrijke generatie 'boomers' zorgt voor een extra klap op de autochtone krimp. De huidige autochtone bevolking van 12,9 miljoen zal tot het midden van de eeuw met 1 à 2 miljoen verder afnemen.
Voor de bevolking met een buitenlandse herkomst ligt de trend andersom. Het zijn relatief veel jongvolwassenen die de komende jaren aan kinderen beginnen en de vergrijzing is er nog beperkt. Bovendien komen er elk jaar weer nieuwe jongvolwassenen vanuit het buitenland bij. Ook wanneer hun gemiddelde kindertal niet veel hoger ligt dan dat van autochtone vrouwen, zorgt het groeiend aantal jongvolwassenen met andere roots juist voor meer geboorten. Meer baby's en weinig sterfgevallen houden die aanwas in de plus. Daarbovenop is er voortdurend aanvulling door nieuwe, overwegend jonge, immigranten. De autochtone krimpkoers en de allochtone pluskoers brengen tot 2050 het inwonertal richting 20 miljoen.
Het is alsof velen nog niet beseffen wat deze tegengestelde demografische trends op sociaal vlak teweeg kunnen brengen. Discussies over christelijke waarden, de afbraak van katholieke kerken, de groei van gesegregeerd islamitisch onderwijs, vermenging van religie met publieke functies of thema's als gesegregeerd zwemmen voor vrouwen, zullen intenser worden. Wie denkt dat ontevredenheid over sociale veranderingen inmiddels zijn hoogtepunt heeft bereikt, heeft nog onvoldoende oog voor de richting van onderliggende demografische krachten. We staan nog maar aan het begin. Het is tijd voor onderzoekers en politici om verder te kijken dan alleen aantallen inwoners. Het gaat bij demografische veranderingen immers om ook mensen met hun overtuigingen.
In het kader van het opinieplatform Onze Eeuw schrijft prof. dr. Jan Latten een vaste column waarin hij vanuit zijn expertise de samenleving analyseert.