CBL-directeur Jansen roept kabinet op: 'Stel een aantal koopkrachtmaatregelen in'
De prijzen van boodschappen staan onder druk en consumenten dreigen daar volgend jaar steeds meer van te merken. Dat stelt Marc Jansen, algemeen directeur van het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel (CBL). De brancheorganisatie waarschuwde het kabinet eerder al in een brandbrief dat voedselprijzen tot wel 10 procent kunnen stijgen als kostenverhogende maatregelen doorgaan. Daarom roept Jansen in Sven op 1 - Zomereditie het kabinet op om lastenverzwaringen voorlopig uit te stellen.
Dagelijks doen zo'n 4 miljoen Nederlanders hun boodschappen bij supermarkten en foodservicebedrijven die aangesloten zijn bij het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel. Volgens het CBL zorgen geopolitieke spanningen, stijgende energieprijzen en oplopende kosten in de hele voedselketen ervoor dat de betaalbaarheid van voedsel steeds verder onder druk komt te staan.
De brancheorganisatie stuurde daarom begin deze zomer een brandbrief naar het kabinet. Daarin wordt opgeroepen om kostenverhogende maatregelen, zoals een mogelijke suikertaks, de vrachtwagenheffing, hogere energieheffingen en stijgingen van het minimumloon, voorlopig uit te stellen. Volgens het CBL kunnen de voedselprijzen anders volgend jaar met 10 procent stijgen.
"Ik heb een beetje een glazen bol, omdat we natuurlijk ook vanuit deskundigen informatie krijgen. Maar de prijzen staan onder druk", zegt Jansen in Sven op 1 - Zomereditie. "Dat merken consumenten elke dag, of elke week, als ze boodschappen doen. En we zien daar het einde helaas nog niet van in zicht. Dus onze oproep aan het kabinet is: stel een aantal effectieve koopkrachtmaatregelen in. Het laaghangende fruit is om een aantal heffingen voorlopig niet uit te voeren."
Jansen zegt dat het CBL daarom een brief heeft gestuurd aan verschillende bewindspersonen, waaronder de minister-president en de ministers van Economische Zaken, Financiën en Sociale Zaken. "Allemaal ministers die op hun beleidsterreinen vanuit het coalitieakkoord lastenverzwaringen hebben aangekondigd. We hopen dat die voorlopig op de lange baan worden geschoven."
Boodschappen in Duitsland goedkoper
De gevolgen van de stijgende kosten zijn volgens het CBL vooral zichtbaar in grensregio's. Nederlandse consumenten kiezen steeds vaker voor goedkopere boodschappen over de grens. "We gaan naar Eibergen, waar een Plus-ondernemer het heel moeilijk heeft. Daar zien we dat boodschappen in Duitsland vaak goedkoper zijn. Mensen springen dan makkelijker in de auto om over de grens boodschappen te doen", zegt Jansen.
Luister het gesprek hieronder terug:
Volgens hem zijn niet alle producten in Duitsland goedkoper. "Daar moeten we eerlijk in zijn: sommige boodschappen zijn in Nederland goedkoper. Met name versproducten, groente en fruit, en een aantal andere producten. Maar sommige lang houdbare producten, en ook verzorgingsproducten zoals shampoo en dat soort zaken, zijn in Duitsland goedkoper."
Een belangrijke oorzaak daarvan is volgens Jansen de btw, maar ook de manier waarop de Europese markt is ingericht. "Wat we ook meemaken, en waar we al jarenlang tegen strijden, is wat we in vaktermen territoriale levensbeperking noemen. Dat betekent dat grote multinationale fabrikanten boodschappen in Duitsland goedkoper aanbieden aan supermarkten en Nederlandse afnemers verbieden om in het buitenland dat soort producten te kopen. Daardoor wordt alles duurder."
Schaalvergroting noodzakelijk
Volgens Jansen zijn de marges in de supermarktsector beperkt en wordt schaalvergroting steeds belangrijker. "Als je naar de markt kijkt en zo'n keten helemaal hebt uitgemergeld, werkelijk alle procentjes bij alle mensen in de keten en alle partners tot een maximum hebt uitgevent, dan is daar niks meer te halen, om het plat te zeggen. Dan is de enige manier van overleven een enorme schaalvergroting."
Die ontwikkeling is volgens hem al langer bezig. "De kleinere spelers leggen het loodje als ze niet tenminste een goede toegevoegde waarde voor hun eigen klantenkring hebben. Want er zijn ook heel veel ambachtelijke zaken, kleine bakkerijen en bedrijven met speciale producten die het wel heel goed doen."
Jansen vindt dat voedselvoorziening een bijzondere positie inneemt. "Ik denk dat levensmiddelen een speciale categorie zijn." Volgens hem wordt de supermarktsector mogelijk binnenkort aangemerkt als vitale sector. "Dat betekent: nu zijn dat de energiebedrijven en de telecombedrijven, maar ook supermarkten voor de voedselvoorziening. Want voedselzekerheid… We hebben het jarenlang, decennialang als vanzelfsprekend aangenomen. En we zien nu hoeveel moeite je vaak moet doen om de schappen gevuld te houden tegen betaalbare prijzen."