Noodopvang jaagt kosten asielstelsel omhoog: 'Het is een soort industrie geworden'
De kosten voor asielopvang zijn de afgelopen jaren fors gestegen en komen inmiddels uit op miljarden per jaar. Volgens asielverslaggever Emile Kossen van De Telegraaf komt dat vooral door het grote aantal dure noodopvanglocaties in hotels, terwijl een structurelere oplossing lastig blijkt.
De druk op het asielstelsel is zichtbaar in de samenleving, waar demonstraties rond asielzoekerscentra regelmatig uit de hand lopen. Tegelijkertijd zijn de kosten sterk opgelopen: van 700 miljoen euro in 2020 tot 3,65 miljard euro afgelopen jaar.
Volgens Kossen is die stijging vooral te verklaren door het uitgebreide gebruik van noodopvang, vaak in hotels. "Er zitten best wat Van der Valk-hotels tussen de noodopvanglocaties, maar ook veel Fletcher-hotels. Uiteindelijk is het een soort industrie geworden. Er zijn ongeveer 200 noodopvanglocaties in Nederland. Dat kost veel, omdat je bijvoorbeeld een hotel moet afhuren, maar er komt veel meer bij kijken. Denk aan catering, beveiliging en extra voorzieningen. In Loosdrecht is bijvoorbeeld geen sanitair, dus dat wordt bijgeplaatst met nooddouches en wc’s. Dat kost allemaal geld, en uiteindelijk kom je uit op 3,6 miljard euro vorig jaar", zegt hij in Stand van Nederland.
Noodopvang veel duurder dan reguliere opvang
De keuze voor noodopvang in hotels maakt het systeem aanzienlijk duurder dan reguliere asielopvang. "Een noodopvangplek kost ongeveer 70.000 euro per persoon per jaar, terwijl een reguliere opvanglocatie, een azc, ongeveer 2,5 keer goedkoper is. Bovendien is het voor asielzoekers zelf ook niet prettig om langdurig in een hotel te verblijven."
Noodopvanglocaties zijn veel duurder dan een standaard asielzoekerscentrum, zegt asielverslaggever Emile Kossen. "Dat kost 70.000 euro per persoon per jaar. Terwijl een reguliere opvanglocatie tweeënhalf keer minder kost. Een groot verschil." #WNL #StandvanNederland pic.twitter.com/mO2CCCfz78
— NPO Radio 1 (@NPORadio1) May 15, 2026
Daarmee is de noodopvang volgens Kossen niet alleen duur, maar ook een minder wenselijke oplossing voor de lange termijn.
Dwangsommen door trage procedures
Naast opvangkosten spelen ook juridische kosten een rol in de oplopende uitgaven. Zo moeten er regelmatig dwangsommen worden betaald wanneer asielprocedures te lang duren. "Vorig jaar moest de IND een recordaantal betalen. Die sommen ontstaan wanneer een asielprocedure te lang duurt. Als de IND er langer dan anderhalf jaar over doet om een beslissing te nemen, kan iemand naar de rechter stappen en vrijwel automatisch een dwangsom krijgen. Dat gaat om ongeveer 15.000 euro per persoon. In totaal kwam dat vorig jaar neer op 79 miljoen euro, puur omdat de IND niet snel genoeg beslist."
Volgens Kossen ligt de oplossing in meer reguliere opvanglocaties die flexibel inzetbaar zijn, maar dat is in de praktijk moeilijk te realiseren door maatschappelijke weerstand en lokale protesten. "Het grote verschil met 2020, toen de asielketen nog 700 miljoen kostte, is de enorme toename van noodopvang. Als er voldoende reguliere opvanglocaties zijn die flexibel kunnen worden opgeschaald of afgeschaald, kan het systeem veel goedkoper worden ingericht."
"Zulke locaties zouden eventueel ook tijdelijk voor andere doelgroepen gebruikt kunnen worden, zoals mensen die een woning zoeken. Tegelijkertijd is er veel maatschappelijke weerstand. Zelfs bij tijdelijke opvanglocaties ontstaat protest, zoals in Loosdrecht waar demonstraties uit de hand liepen. Het lijkt eenvoudig om meer azc's te realiseren voor de lange termijn, maar in de praktijk is dat lastig. Gemeenten en bestuurders moeten dat goed kunnen uitleggen aan hun inwoners, en juist daar loopt het vaak vast."