Discussie over wetsvoorstel voor draagmoeders in Nederland, vrees voor 'commerciële industrie' rond zwangerschap
Econoom Sophie van Gool is geen voorstander van het wetsvoorstel rond draagmoederschap in Nederland. Als die wet er komt, vreest ze dat er een commerciële industrie rond draagmoeders ontstaat. "Er zullen dan kwetsbare vrouwen zijn die uit economische noodzaak denken: misschien moet ik het maar eens gaan doen", waarschuwt ze in een nieuwe aflevering van Stand van Nederland: Generatie Next op NPO 2.
Waar Nederland op het gebied van abortus bekendstaat om progressieve wetgeving, is de regelgeving rond draagmoederschap de afgelopen decennia nauwelijks gemoderniseerd. Op dit moment is draagmoederschap in Nederland toegestaan, maar het is verboden om openbaar, bijvoorbeeld via advertenties of sociale media, een oproep te doen voor een draagmoeder.
Ook mag een draagmoeder niet worden betaald voor het uitdragen van een zwangerschap, oftewel commercieel draagmoederschap. Wel mogen redelijke kosten en gemiste inkomsten worden vergoed, zoals medische kosten, kleding en reiskosten.
De regels zijn vaak onduidelijk. Zo bestaat er momenteel geen wet die vooraf vastlegt wie de juridische ouders zijn. Daardoor zijn na de geboorte vaak ingewikkelde procedures nodig om het ouderschap te regelen. Het wetsvoorstel Wet kind, draagmoederschap en afstamming, ingediend door het kabinet Rutte IV, moet daar verandering in brengen.
Met de nieuwe wet kan een rechter vooraf vastleggen dat wensouders vanaf de geboorte de wettelijke ouders worden. Ook komen er strengere voorwaarden, zoals verplichte begeleiding. Daarnaast wordt het recht van het kind op informatie over de eigen afkomst beter vastgelegd en komt er meer duidelijkheid over de erkenning van buitenlands draagmoederschap.
Vrees voor commerciële industrie
Toch is Van Gool, schrijver van het boek 'Je kind is een goudmijn: Waarom iedereen verdient aan je kind behalve jij' kritisch op het wetsvoorstel dat nu bij de Tweede Kamer ligt. Hoewel het ook straks verboden blijft om te betalen voor het dragen van een kind, vreest ze dat dit in de praktijk toch zal gebeuren zodra mensen openbaar een oproep voor een draagmoeder mogen plaatsen.
"Ik denk dat het niet zo'n goed idee is, omdat je daarmee een commerciële industrie gaat laten ontstaan", zegt Van Gool over het wetsvoorstel. "Als mensen een oproep kunnen doen en kunnen adverteren, gaan er bemiddelingsbureaus ontstaan. En er zullen kwetsbare vrouwen zijn die uit economische noodzaak denken: misschien moet ik het maar eens gaan doen. En hoewel je er officieel niet voor mag betalen, zal het heel moeilijk zijn om dat te controleren. Onbedoeld zorg je er zo voor dat hier commercieel draagmoederschap ontstaat."
Met de wet moet ook worden voorkomen dat mensen uitwijken naar het buitenland. In landen als Oekraïne, Georgië, Rusland en delen van de Verenigde Staten is betaald draagmoederschap toegestaan. De kosten lopen sterk uiteen, maar in Amerika kunnen die oplopen tot zo'n 200.000 dollar. Dat bedrag bestaat uit medische kosten, juridische ondersteuning, de zoektocht naar een draagmoeder en compensatie voor haar.
Van Gool spreekt zich nadrukkelijk uit tegen commercieel draagmoederschap. "Ik denk dat een zwangerschap iets is wat je niet in contracten kan vatten zoals bij gewone arbeid. Daarbij, je zet een mens op de wereld en wat is het belang van het kind? Heeft het kind er belang bij om er later achter te komen: degene die mij negen maanden lang gedragen heeft, heeft dat alleen maar gedaan omdat zij in enorme armoede leefde en ontzettend hard dat geld nodig had. Hoe is het voor een kind om daar later achter te komen?"
In Nederland is het dus wel toegestaan om draagmoeder te zijn, zolang daar geen betaling tegenover staat voor het dragen van het kind. Pauline van Berkel, zelf moeder van drie kinderen, is zo'n draagmoeder. "Ik ben twee keer draagmoeder geweest, voor twee verschillende mannenstellen. De oudste is inmiddels al 12, de jongste 8", vertelt ze in Stand van Nederland.
Draagmoeder Pauline van Berkel in Stand van Nederland.
"Ik vond bevallen ontzettend intens om mee te maken, heel krachtig. Ik heb drie kinderen vrij kort op elkaar gekregen, ik had mijn handen echt vol. Een vierde kind zou er niet bij passen. Ik vond het heel jammer dat ik dus nooit meer een bevalling zou meemaken. Daar begon het balletje te rollen bij mij", vertelt ze over haar keuze. "Er speelde ook mee dat ik in mijn omgeving ongewenste kinderloosheid zag en zag hoeveel verdriet dat gaf, hoe intens een kinderwens kan zijn."
Van Berkel vindt dat het mogelijk moet zijn om een draagmoeder te betalen. "Ja. Het moet wel een bedrag zijn waarvan je zegt: dat is significant, dat ontzorgt de draagmoeder. Maar het moet niet dusdanig hoog zijn dat mensen op het geld afkomen."
Ze begrijpt dat mensen met een kinderwens nu hun toevlucht zoeken in het buitenland, maar noemt dat geen ideale oplossing. "Er zijn gewoon heel weinig draagmoeders in Nederland. Maar de afstand die je aflegt om je kinderwens te overbruggen, is de afstand die je kind moet overbruggen om diens herkomst te leren kennen."
'In Amerika en Canada goed geregeld'
Van Berkel is daarom positief over de nieuwe wetgeving. Dat geldt ook voor Arnoud Breitbarth, voorzitter van Stichting Meer dan Gewenst. Hij ziet dat liberalere wetgeving rond draagmoederschap in het buitenland goed werkt, zeker in landen waar het eenvoudiger is om een draagmoeder te benaderen.
"In Amerika en Canada zijn sommige staten waar het erg goed geregeld is, maar ook in het Verenigd Koninkrijk en in Israël is goede wetgeving. Er wordt vooraf goed vastgesteld: wordt iemand hiertoe gedwongen of is geld een belangrijke motivator? Het gaat er daar echt om dat mensen iets moois voor elkaar willen doen."
Volgens Breitbarth is het in Nederland op dit moment lastig om een draagmoeder te vinden. "We hebben altijd regeringen gehad waarin partijen zaten die het idee van draagmoederschap niet juist vonden. 'Een gezin kan alleen als je een mannetje en een vrouwtje hebt, die getrouwd zijn en samen kinderen ter wereld brengen'", zegt hij. "Dat heeft zo postgevat in het politieke beleid van de afgelopen decennia, dat dat ontmoedigingsbeleid altijd is blijven bestaan. Dat ontmoedigende beleid past niet bij de liberale geest van Nederland."
Hij hoopt dat de nieuwe wetgeving meer mogelijkheden creëert. Voor de commerciële industrie waar Van Gool voor waarschuwt, is hij minder bang. "Wat het nieuwe Nederlandse wetsvoorstel voorstelt, is dat er vooraf een juridische toets is, dus dat je eerst naar de rechter gaat om alles vast te leggen, waarbij heel duidelijk wordt vastgesteld dat iemand het doet om mensen te helpen en niet vanuit financieel oogpunt."
"In het wetsvoorstel staat ook dat er een maximumvergoeding is opgenomen. In Nederland zal dat echt niet heel hoog zijn, in ieder geval niet zo hoog dat een financiële drijfveer het hoofdmotief zal zijn", zegt hij.
Maar volgens Van Gool is het bijna onmogelijk om dit juridisch goed te regelen. "Ik denk dat het ook een beetje een rare denkfout is: het gebeurt toch, dus dan moeten we het maar wettelijk regelen. Ja, er zijn heel veel dingen die gebeuren en waar je je vraagtekens bij kunt plaatsen. Daar per se een nieuwe wet bij maken, gaat niet per se garanderen dat het beter wordt of dat het goed geregeld is."
Wil je meer weten? Kijk vanavond om 22.35 uur naar Stand van Nederland: Generatie Next op NPO 2 of kijk deze uitzending daarna terug op NPO Start.