Oostenrijk en Denemarken omzeilen EU en praten met Israël
Oostenrijk en Denemarken willen niet meer alleen van de Europese Unie afhankelijk zijn voor coronavaccins. De landen willen samen met Israël werken aan onderzoek naar en de productie van coronavaccins die ook goed werken tegen mogelijke nieuwe varianten. Dat zei kanselier Sebastian Kurz van Oostenrijk voor zijn bezoek aan Israël donderdag.
Kurz zei tevreden te zijn met de voorzitter van de Europese Commissie Ursula von der Leyen, die snel gehandeld heeft bij het aankopen van vaccins. Maar Kurz vindt dat er nu sneller voorbereidingen moeten worden getroffen voor nog gevaarlijkere coronamutaties. Israël loopt wereldwijd voorop met het vaccineren.
Op eigen houtje verder
Oostenrijkse experts denken dat jaarlijks 6 miljoen Oostenrijkers ingeënt moeten worden tegen het virus, onder meer vanwege mogelijke nieuwe mutaties. "De pandemie zal ons nog lange tijd bezighouden met allerlei mutaties", aldus Kurz op Twitter. Oostenrijk en Denemarken trekken nu hun eigen plan en omzeilen de EU. Eerder besloten ook Hongarije en Slowakije op eigen houtje verder te gaan.
Oostenrijk, Denemarken en Israël overleggen zowel over het delen van vaccins als over het opzetten van productiefaciliteiten. Ze willen op die manier niet gehinderd worden door de in hun ogen trage goedkeuring van de Europese geneesmiddelenautoriteit EMA.
'Ga gewoon leven'
Nederland blijft wel werken binnen de kaders van het EU. Demissionair minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) zei dinsdagavond in Op1 dat alle Nederlanders die een coronavaccin willen, begin juli minimaal één maal geprikt kunnen zijn, mits de nu verwachte leveringen doorgaan.
Tekst gaat verder onder de tweet.
Vorige week tijdens de #persconferentie sprak @hugodejonge over een mooie aankomende zomer. In #Op1 blijft hij bij zijn standpunt: “Ik denk dat we gewoon een hele leuke zomer tegemoet gaan als je kijkt naar hoeveel mensen er dan zijn gevaccineerd.” pic.twitter.com/rGVtaQY4Bj
— Café Kockelmann (@CafeKockelmann) March 2, 2021
Integratiedeskundige Samira Bouchibti is blij met dat vooruitzicht. "Ik ben vijftig en ik dacht: ik kom in oktober wel ergens aan de beurt, november misschien wel", zegt Bouchibti in Goedemorgen Nederland op NPO 1. Nu mogelijk een stuk eerder. "Dat klinkt optimistisch. Ik hoop dat het kan worden waargemaakt."
LEES OOK: Meer dan miljoen Nederlanders hebben hun eerste coronaprik gehad